Terug naar blog overzicht
Mosselen van Neeltje Jans

Di 26 juni

Mosselen van Neeltje Jans

Het mosselseizoen is weer begonnen. De duurzaam gekweekte mosselen uit de Oosterschelde van de firma Neeltje Jans liggen het eerst in de winkel. 

Historische grond is het, het voormalige werkeiland Neeltje Jans in de Oosterschelde. Dit was de bouwput van het grootste kunststukje van de Deltawerken, de Oosterscheldekering. Als het weer echt slecht wordt, zakken de grote metalen schuiven tussen de 65 betonnen pilaren tot op de zeebodem. Dan is de Oosterschelde afgesloten en het achterland veilig voor de stormvloed.
Op Neeltje Jans is het documentatiecentrum van de Deltawerken gevestigd. De 66e torenhoge pijler, gemaakt als reserve, staat er nog en dient als klimmuur. Huiskamervraag: hoe kregen ze die kolossen zo netjes op hun plek in de dam? Na de voltooiing van de dam in 1986 werden de werkdokken verlaten en onder water gezet. Ze herbergen nu iets veel
delicaters dan beton en staal: de hangcultuurmosselen van de firma Neeltje Jans.
Medewerkers Eric Romijn en Jacco Schot hebben een paar mosselen opengemaakt. ‘Kijk, deze melkt nog,’ zegt Jacco. Maar de andere niet meer. ‘Nog een week. Of twee,’ zegt Eric. ‘Dat hangt van de natuur af.’ Als de mosselen geoogst kunnen worden, begint het mosselseizoen. Neeltje Jans heeft met de hangcultuurmosselen een voorsprong op de
mosselen van de bodemculturen van andere kwekers, die vijf à zes weken later komen. Ze vliegen als een echte primeur de winkels uit. 

Puur Zeeuws 
Mosselen worden opgekweekt van zaad. Dat zaad uit al die mosselen zweeft in wolken door de Oosterschelde heen en weer op de getijden. Zeeuwse mosselkwekers halen van oudsher ook mosselzaad uit de Waddenzee en zetten dat uit op hun percelen, een soort mosselakkers op de ondiepe zeebodem. Vanwege de schade aan de Waddenzeebodem is die praktijk aan banden gelegd. 
Het mosselzaad zet zich ook af op voorwerpen in het water, zoals scheepshuiden, drijfhout en in het bijzonder stukken rafelig touw. Dat ontdekte de ondernemende familie Schot toen ze eind jaren tachtig waren begonnen met een kwekerij van zalmforellen in een oud schip. Ze verdiepten zich in de mosselkweek en kwamen erachter dat mosselen in veel landen hangend aan touwen en palen groeien, en dat de typische Zeeuwse bodemcultuur een uitzondering is. ‘De hele familie ging met het vliegtuig naar Spanje om te kijken hoe ze het daar deden,’ zegt Eric. Binnen de Zeeuwse mosselbranche was het een duurzame innovatie. ‘We hebben de hele productie van de mosselen in eigen hand,’ zegt Eric. ‘Maar de natuur laat zich niet sturen.’ Van begin tot eind is alles puur Zeeuws. ‘We vangen het zaad op met de MZI’s, de mosselzaadinvanginstallaties in de Oosterschelde, zetten het uit en kweken het op.’ Een mosselzaadje hecht zich aan het touw en groeit zo anderhalf jaar. Vervolgens is hij volgroeid en moet hij geoogst worden. Het schoonmaken, verpakken en verzenden gebeurt in de eigen fabriek op de wal. 

Lekker zilt 
Vanuit de Europese Unie worden de Zeeuwse mosselkwekers aangemoedigd over te stappen van de bodemzaadvisserij naar MZIinstallaties, die minder belastend zijn voor het milieu. We gaan een stukje varen op het werkschip de Zierikzee 18. In een van de bassins haalt Eric met een kraan een dikke kabel op, die tussen drijvers is gespannen. Aan de kabel hangen trossen mosselen aan grof nylonkoord, in lussen van zeven meter lang. Jacco maakt er eentje open en laat het zoute diertje proeven. ‘Als ze gevist en schoongemaakt zijn, zijn ze lekker zilt,’ zegt Jacco. Eric wijst naar de stormvloedkering in de verte, waar onder de geheven schuiven het water uit de Noordzee naar binnen stroomt, licht schuimend. ‘Dat noemen we meischuim. Dat zit vol voedingsstoffen en plankton. Omdat wij hier vlak bij de inlaat zitten, hebben we tweemaal per dag vers zeewater.’ 

Wachten op de natuur 
Gevraagd naar wat hun mosselen zo bijzonder maakt, zegt Eric: ‘Versheid. Wat wij de ene dag opvissen, ligt de volgende ochtend in de winkel. We vissen met de bestellijsten in de hand en halen op wat we nodig hebben.’ Tot 6000 kilo per uur, zo veel dat de jongens in de verwerkingsfabriek het niet bij kunnen houden. Nu hebben ze nog tijd voor een praatje en om alles te laten zien, ook het nieuwe restaurant Proef Zeeland, naast de bedrijfshal. Als de mosselen geoogst moeten worden, is het aanpoten. ‘De bodemmosselen komen later, maar iedereen wil aan het begin van de zomer al mosselen eten,’ zegt Eric. Maar de natuur laat zich niet haasten.

Reageer